PO-snow 2010
Een dikke maand geleden organiseerde ik PO-snow voor de tweede (en vermoedelijk laatste) keer in naam van PoStuRa. Waar we vorig jaar met een zestigtal deelnemers het Franse skioord Risoul aandeden, trokken we dit jaar met meer dan honderd studenten productontwikkeling en diens vrienden naar La Joue Du Loup.
Het skigebied, gevormd door de skioorden Superdévoluy en La Joue Du Loup, bevindt zich tussen de 1500m en 2500m hoogte en telt zo’n 120km piste. Het overgrote merendeel daarvan valt in de categorieën rood en blauw, is relatief rustig en gaat dus goed vooruit. Er zijn maar weinig situaties waarin je als skiër je stokken moet gebruiken of als snowboarder moet springen om vooruit te geraken. Bijna elke piste is bereikbaar met een stoeltjeslift en er is maar één locatie van waarop je uitsluitend per sleeplift weggeraakt. Tussen en naast de pistes is er veel off piste mogelijkheid met de juiste dichtheid aan naaldbomen. Het funpark en de keuze aan uitgangsmogelijkheden in La Joue Du Loup vallen een beetje tegen, maar dat kon de pret geenszins bederven.
Hieronder vind je een kaart van de door mij bereden pistes. De knop “Earth” herbergt de 3D-weergave.
Taghazoute – Dag 15
Na een wilde rit – een gedeelte van de Marokkaanse chauffeurs koopt hun rijbewijs en beoefent vanaf dat moment een kruising tussen spectaculaire zelfmoord en het wereldkampioenschap inhalen op het foute moment, elke mogelijke verkeersregel negeren en spookrrijden voor gevorderden – over de regionale Marokkaanse wegen zijn we aangekomen in Taghazoute, een vissersdorp 20 kilometer boven Agadir.
Met een eigen strand gevuld met surfers, allerhande balsportfanaten (een Nike reclamespot in real life, anyone?) en een handvol kleine restaurantjes en cafeetjes is het de ideale plaats om enkele dagen te blijven vooraleer we terugkeren naar Marrakesh om nog enkele zaken te bekijken en het vliegtuig terug te nemen. Tot in België!
Ouirgane – Dag 14
Ouirgane is onze laatste stop in het Atlas gebergte op weg naar de Atlantische Oceaan. Het is een klein dorpje zo’n 80 kilometer ten zuiden van Marrakesh dat de mooiste hotels van het land herbergt. Onze kamer ons huis overtreft gemakkelijk alle vorige op vlak van comfort. Na 14 dagen doet zo’n onderdompeling in luxe al eens deugd.
Als avondeten eens geen van de 7 gerechten die de Marokkaanse keuken rijk is (brochettes, tajine, couscous, salade, gebraden kip en harira), maar een groentenbuffet en BBQ met sappige lamskoteletten en gratin.
Voor we hier aankwamen hebben we een halve dag lang de machtigste bergpas van de Atlas overgestoken, de Tiz’n'Test. Met een col van 2100 meter en een tientallen kilometers lang smal baantje dat je erheen voert is de tocht een belevenis op zich. Het uitzicht van op het dak van de Atlas is dat nog meer.
Vanaf morgen verblijven we ergens in de buurt van Agadir voor enkele laatste dagen plezier op en rond het strand.

Taliouine – Dag 13
Na een nacht in een zo goed als leeg hotel met groot zwembad (hier een echte meerwaarde) en in het gezelschap van een airco, waarvan de vader ongetwijfeld een straalmotor is, zijn we vertrokken naar Zagora.
Deze zogezegde warmste plaats in Marokko moest met 45°C tov 47°C onderdoen voor Erg Chebbi enkele dagen geleden. De enigste bezienswaardigheid ter plaatse is het bord dat de afstand tot Timboektoe in dagen per kameel doorheen de Sahara (52 voor de geïnteresseerden) aangeeft. De reden van onze trip was dan ook de weg, rijk aan vergezichten, naar Zagora.
Na de lunch zijn we richting kust vertrokken om later op de middag te stranden in het lekker koele Taliouine. Overmorgen hopen we de oceaan te zien.
Ouarzazate – Dag 12
Na een rit doorheen de vallei van de duizend kasbahs zijn we gearriveerd in een buitenwijk van Ouarzazate, bekend vanwege haar vele filmstudio’s die vaak gebruikt worden bij de opnames van blockbusters die zich afspelen in een woestijn ergens ter wereld, Arabië of een gelijkaardige fictieve locatie.
Interessanter is het nabij gelegen Aìt Benhaddou, een op dit moment amper bewoond stadje dat vroeger een belangrijke versterkte handelspost was tussen de Sahara en Marrakesh. De stad is gebouwd tegen een steile heuvelflank, wat zorgt voor prachtige vergezichten van op de agadir (of versterkte graanschuur) bovenaan de stad.
Morgen trekken we door de vallei van de Drâa naar de warmste plek in Marokko, Zagora.
El Kelâa des Mgouna – Dag 11
Gisterenavond heb ik me kostelijk geamuseerd met enkele lokale berbers. Moppen (waarbij zwarten en Belgen – jawel – een dankbaar slachtoffer blijken), raadsels, goocheltrucs en wilde verhalen (lees: flagrante leugens) die de Marokkanen van bij ons vertellen als ze op bezoek gaan in hun geboorteland zijn allemaal gepasseerd onder een prachtige sterrenhemel (met helverlichte Melkweg).
Na vanmorgen gewekt te zijn door het gemekker van enkele honderden geiten in de Todra kloof, waarin het hotelletje als enige lag, hebben we de iets verder gelegen kloof en vallei van de dadelpalmen verkend.
Op een honderd kilometer van Ouarzazate verblijven we vanavond in een hotelletje met opnieuw een prachtig panorama over de nabij gelegen vallei.
Tamtatoucht – Dag 10
De honderden meters hoge zandduinen van de Sahara (die ik met wisselend succes later op de avond – wanneer de temperatuur iets draaglijker was – heb uitgeprobeerd met een sandboard) hebben we vandaag ingeruild voor de steenwoestijn en later de Todra kloof, de meest ingesneden kloof van het Atlas gebergte. Voor de middag hebben we langs de kant van de weg even halt gehouden bij een nomadentent om een muntthee te drinken nabij een complex van eeuwenoude familiale waterputten.
Op het moment van schrijven wacht ik reeds enkele uren aan het begin van de Todra kloof om er doorheen te kunnen rijden naar Tamtatoucht aan de andere kant. Dankzij het belachelijk slechte rijvermogen van de gemiddelde Marokkaan zit alles hier potdicht en is het einde nog niet in zicht. Gelukkig zijn er cafés, schaduw en verkoelend stromend water in overvloed. Geen reden dus om het aan ons hart te laten komen. We zijn tenslotte in Marokko, niet in Perfectvilletown
Erg Chebbi – Dag 9
We zijn aangekomen in het meest zuidelijke bewoonde punt van Marokko, nabij Merzouga, waar we verblijven in een kasbah, een versterkte vestiging (die in dit geval is omgetoverd tot hotel), gelegen aan de rand van de zandwoestijn.
Vandaag heb ik nog meer woestijnlandschappen gezien die me deden denken aan enkele National Parks in het Westen van de Verenigde Staten. De Grand Canyon en Needles Overlook zijn hier dichterbij dan verwacht. Koele temperaturen (het kwik is naar 45°C geschoten) zijn dan weer veraf. Net als elektriciteits- en telefoonkabels (laat staan internet). Gelukkig is er wel een generator om ‘s nachts de airco in de kamer en de filter van het zwembad (zalig!) te voeden.
De mooiste bezienswaardigheid van vandaag was ongetwijfeld het prachtige panorama over de Ziz-vallei, gevuld met duizenden dadelpalmen, te midden van een diep uitgesneden canyon.
Morgen trekken we naar het Westen. Waar we aankomen zien we dan wel.
Rich – Dag 8
Onze eerste dag doorheen de Marokkaanse woestijn zit er op en was al meteen spannend. Zo hebben we de drie resterende siervelgen van onze Peugeot 407 reeds na enkele uren kunnen verwijderen, nadat de eerste gestolen was. Ook de notoire platte band en bijna-PV voor het negeren van een Arabisch bord zijn de revue gepasseerd. Verder is onze huurwagen een klassebak (een slee naar lokale normen).
Onderweg veel prachtige woestijnlandschappen (sommige met een vleugje Monument Valley), schapenhoeders, nomadententen en kleine dorpjes. De Midden-Atlas hebben we volledig doorkruist en we verblijven vanavond in Rich, in de Hoge-Atlas.
Internet is hier niet (er is hier niet veel buiten een klein stadje en veel rondvliegend zand), dus deze blogpost verschijnt iets later.
Fez – Dag 7
Sinds gisterenmiddag verblijven we in een hotelletje met Riad allures in het hart van de medina van Fez. Klim je helemaal tot op het bovenste dak (dat in theorie ontoegankelijk is), dan sta je als een adelaar boven de stad, met enkel de minaret van een nabij gelegen moskee hoger dan jezelf.
Fez bestaat, zoals alle Marokkaanse steden, uit een oud, kronkelig en fascinerend (buiten in Casablanca) stadsdeel (de medina) en een stadsdeel met grote boulevards, zakenwijken, villa’s en hotels van internationale ketens (de nouvelle ville). Beide stellen niet teleur in Fez.
De nieuwe stad (waar we daarnet een wagen gehuurd hebben voor de komende 11 dagen) is proper, goed onderhouden en hier en daar zelfs voorzien van straatnaambordjes.
De medina is gigantisch (die van Marrakesh loop je zo uit als het je even teveel wordt, hier kan je dat vergeten) en uiterst kleurrijk. Helaas zijn ze hier toeristen gewoon en verloopt alles dus weer iets opdringeriger, al valt dat nog steeds goed mee.
Gisteren hebben we o.a. de tanneries (waar het leer ambachtelijk gekleurd wordt), de Bou Inania Medersa (Marokko’s mooiste koranschool die tegen de perfectie aanleunt), de waterklok en de Bab Boujeloud (de voornaamste toegangspoort tot de medina) bezocht.
Vandaag staat het lager gelegen deel van de medina op het programma: Souk el Attarin, Fondouk,…
Vanaf morgen trekken we de woestijn in en zijn verdere blogposts niet gegarandeerd, al doe ik mijn uiterste best.








